Extra ondersteuning per school m.i.v. januari 2019

bijgaande tabel geeft de ondersteuningingsmiddelen vanaf januari 2019 per basisschool aan.

Ook voor het SBO en SO zijn er meer middelen beschikbaar; zie bijgaande brief.

De ondersteuning op scholen wordt ingedeeld in 4 niveaus.
Niveau 1 is de basisondersteuning. Dat is voor 90% van de leerlingen voldoende. Sommige leerlingen hebben extra ondersteuning nodig, maar dat kan de school zelf bieden.
Dan spreken we over niveau 2: extra ondersteuning intern.
Maar soms is de eigen expertise niet voldoende en moet hulp van buiten de school komen, bijv. van een deskundige op een bepaald terrein.
Dat is niveau 3 en dan maakt de school een plan voor de extra ondersteuning die met behulp van die deskundige wordt ingezet. Dat plan kost geld en dat geld is beschikbaar via de schoolbesturen. Dit niveau is bedoeld voor kinderen die voorheen in aanmerking kwamen voor een rugzak, maar ook voor kinderen die net niet aan de criteria voldeden, maar waarvan iedereen ervan overtuigd was dat er wel extra ondersteuning nodig zou zijn. Voor de leerlingen waarvoor in dit niveau extra ondersteuning noodzakelijk is, wordt een ontwikkelingsperspectief geschreven. Veelal is diagnostiek noodzakelijk om tot een goed aanbod te kunnen komen. Hoe de extra ondersteuning er uit gaat zien wordt bepaald door het ondersteuningsteam van de school, samen met deskundigen van buiten: het BOOT, SBZW, ambulante begeleiders, etc.
Niveau 4 is verwijzing naar het Speciaal Onderwijs of Speciaal Basis Onderwijs. Hiervoor is een Toelaatbaarheidverklaring nodig(zie hiervoor de informatie onder Formulieren).


Het budget voor de extra ondersteuning(niveau 3) is toebedeeld aan de schoolbesturen.De bekostiging van de extra ondersteuning vindt plaats uit het budget.

Naast budget voor extra ondersteuning, is er ook menskracht beschikbaar. De ambulante begeleiders speciaal onderwijs zijn beschikbaar om mee te helpen om plannen te ontwikkelen en ze kunnen een rol spelen in de extra ondersteuning. De inzet van deze ambulant begeleiders moet wel worden aangevraagd bij het Samenwerkingsverband. Er wordt vanuit handelingsgericht werken zowel naar de situatie op school, thuis en vrije tijd gekeken. Het kan zijn dat aanvullende ondersteuning nodig is voor ouders of leerling vanuit het sociaal domein. Gemeenten voeren de regie over de ondersteuning vanuit het sociale domein, die naast de onderwijsondersteuning geboden wordt. Hiervoor worden schoolmaatschappelijk werkenden + ingezet.

Bij het maken van een plan voor extra ondersteuning staat de vraag centraal:
1. Wat heeft dit kind, in deze klas, bij deze leerkracht, op deze school, met deze ouders nodig?
2. Hoe gaan we dat organiseren, en monitoren?
3. Wie en wat hebben we daarvoor nodig?
4. Wat gaat het kosten?

Bij het maken van een plan voor extra ondersteuning, moet het volgende omschreven worden:
a. Activiteiten in het voortraject en het effect daarvan.
b. Welk doel met de extra ondersteuning bereikt moet worden.
c. Hoe het plan er uit ziet en wie het gaat uitvoeren.
d. Het tijdpad.
e. Op welke manier en wanneer er geëvalueerd gaat worden.
f. De rol van de ouders.
Daarnaast moet er voor het kind dat extra ondersteuning ontvangt een ontwikkelingsperspectief (OPP) geschreven worden, waarop de ouders instemmingrecht hebben.

Afdrukken

Nieuwsbrief

Contact

Purmer Center
Wielingenstraat 135
1441 ZN Purmerend
Postbus 811, 1440 AV Purmerend
T 0299-783483, info@swvwaterland.nl

RoutebeschrijvingRoute en adresgegevens Samenwerkingsverband Waterland